Wie beslist wat in Brussel?
Zes bestuursniveaus hebben invloed op het leven van de Brusselaars. Hier zijn hun rollen, hun bevoegdheden en hun huidige toestand.
Brussel is de meest institutioneel complexe stad van Europa. Zes bestuursniveaus overlappen elkaar, elk met eigen bevoegdheden. In normale tijden is deze complexiteit onzichtbaar voor de burger. In crisistijd wordt ze het probleem: wanneer één niveau geblokkeerd is, kunnen de andere niet altijd compenseren.
| Niveau | Belangrijkste bevoegdheden | Huidige toestand |
|---|---|---|
| Europese Unie | Financieringen (EFRO, ESF+), milieunormen, Europees Semester | Operationeel |
| Federale staat | Sociale zekerheid, justitie, fiscaliteit, NMBS, defensie | Operationeel (Arizona-coalitie) |
| Brussels Hoofdstedelijk Gewest | Huisvesting, werkgelegenheid, mobiliteit, leefmilieu, gewestelijke begroting | Geblokkeerd (lopende zaken) |
| Gemeenschapscommissies | Gezondheid, maatschappelijk welzijn, cultuur (GGC, COCOF, VGC) | Gedeeltelijk geblokkeerd |
| 19 gemeenten | Stedenbouw, burgerlijke stand, OCMW, lokale politie, wegenis | Operationeel (verminderde middelen) |
| Para-gewestelijke instellingen | Actiris, MIVB, Brussel Huisvesting, Leefmilieu Brussel | Verminderde werking |
De Europese Unie
De EU bestuurt Brussel niet, maar bepaalt wel een aanzienlijk deel van de omgeving. Europese fondsen (EFRO, ESF+) financieren infrastructuur- en sociale cohesieprojecten. Europese richtlijnen leggen bindende doelstellingen op inzake luchtkwaliteit, energie-efficiëntie en arbeidsmarkt. Het Europees Semester beoordeelt het Belgische begrotingsbeleid, inclusief de situatie van Brussel.
Bij gebrek aan een gewestregering riskeert Brussel de Europese fondsen niet binnen de gestelde termijnen te kunnen programmeren en besteden. Sommige programma's vereisen een gewestelijke cofinanciering die het mechanisme van de voorlopige twaalfden niet kan activeren. De Europese Commissie volgt de situatie op, maar heeft geen directe hefboom om ze op te lossen.
De federale staat
De federale staat beheert de sociale zekerheid (werkloosheid, pensioenen, gezondheidszorg), justitie, de federale politie, de nationale fiscaliteit, het spoor (NMBS) en defensie. Deze bevoegdheden hebben een directe impact op de Brusselaars: werkloosheidsuitkeringen, terugbetalingen van gezondheidszorg en de treinen die Brussel bedienen, hangen af van het federale niveau, niet van het Gewest.
De federale regering (Arizona-coalitie) is operationeel sinds begin 2025. Ze neemt beslissingen die Brussel treffen — fiscale hervormingen, herfinanciering van de deelgebieden, samenwerkingsakkoorden — zonder dat het Brussels Gewest een volwaardige regering heeft om zijn belangen te verdedigen in de onderhandelingen. Deze asymmetrie is een van de meest concrete gevolgen van de crisis.
De drie Gewesten: een ongeziene asymmetrie
Vlaanderen en Wallonië hebben hun gewestregeringen gevormd na de verkiezingen van juni 2024. Brussel niet. Deze asymmetrie creëert een situatie zonder precedent in de Belgische geschiedenis: twee van de drie Gewesten kunnen wetgeven, investeren en hun beleid programmeren, terwijl het derde op minimaal beheer draait. Op dezelfde materies (huisvesting, werkgelegenheid, mobiliteit, leefmilieu) gaan Vlaanderen en Wallonië vooruit terwijl Brussel achteruitgaat.
De intergewestelijke samenwerkingsakkoorden — noodzakelijk voor dossiers als de mobiliteit van pendelaars of het waterbeheer — zijn geblokkeerd aan Brusselse zijde. Bedrijven die in meerdere Gewesten actief zijn, worden geconfronteerd met regelgevende inconsistenties. De financiële transfers tussen Gewesten lopen verder op basis van verouderde parameters, zonder mogelijkheid tot heronderhandeling.
De gemeenschapscommissies: het Brusselse lasagnemodel
De GGC (Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie) beheert de bi-communautaire materies in Brussel: ziekenhuizen, rusthuizen, daklozenopvang, coördinatie van het gezondheidsbeleid. Haar bestuur bestaat uit dezelfde ministers als de gewestregering. Direct gevolg: de GGC is verlamd door dezelfde crisis. De investeringen in gezondheid en maatschappelijk welzijn liggen stil.
De COCOF (Commission communautaire française) beheert de Franstalige materies (cultuur, beroepsopleiding, bijstand aan personen) en beschikt over een eigen budget. De VGC (Vlaamse Gemeenschapscommissie) vervult dezelfde rol aan Nederlandstalige zijde, maar is structureel sterker verbonden met de Vlaamse Regering. In tijden van gewestelijke crisis blijven de COCOF en de VGC functioneren, maar met beperkte middelen en zonder gewestelijke strategische visie.
De 19 gemeenten: schokdempers van de crisis
De 19 Brusselse gemeenten (Stad Brussel, Elsene, Schaarbeek, Sint-Jans-Molenbeek, Anderlecht, enz.) oefenen nabijheidsbevoegdheden uit: stedenbouw, burgerlijke stand, lokale politie, OCMW (sociale bijstand), gemeentelijk onderwijs, lokale wegenis. In tijden zonder gewestregering zijn de gemeenten vaak het enige bestuursniveau dat concreet handelt voor de burgers in het dagelijks leven.
Maar de middelen van de gemeenten zijn ongelijk. Gemeenten met hoge inkomens (Ukkel, Sint-Pieters-Woluwe) beschikken over solide fiscale ontvangsten. Gemeenten met lage inkomens (Sint-Jans-Molenbeek, Sint-Joost-ten-Node, Anderlecht) zijn meer afhankelijk van gewestelijke subsidies — subsidies die bevroren of verminderd zijn bij gebrek aan een nieuwe gewestelijke begroting. De gewestelijke crisis verdiept de ongelijkheden tussen gemeenten.
Het ontbreken van een provincie: een unieke uitzondering
Brussel is het enige Belgische Gewest zonder provincie. In Vlaanderen en Wallonië spelen de provincies een significante operationele rol: provinciaal onderwijs, cultureel erfgoed, sportinfrastructuur, cofinanciering van lokale projecten. In Brussel neemt het Gewest deze provinciale bevoegdheden rechtstreeks op zich, krachtens de bijzondere wet van 12 januari 1989.
Dit ontbreken betekent dat het Brussels Gewest een breder bevoegdheidsspectrum draagt dan de twee andere Gewesten. In normale tijden is dit een voordeel (minder tussenschakels). In crisistijd is het een extra handicap: er is geen 'Brusselse provincie' om bepaalde materies over te nemen wanneer het Gewest verlamd is.
De para-gewestelijke instellingen
De gewestelijke instellingen van openbaar nut vormen de operationele administratie van Brussel: Actiris (werkgelegenheid), MIVB (vervoer), Brussel Huisvesting (huisvesting), Leefmilieu Brussel (leefmilieu), perspective.brussels (stedenbouw), Innoviris (onderzoek), Net Brussel (afval). Deze instellingen functioneren met meerjarige beheersovereenkomsten en zetten hun opdrachten voort in lopende zaken.
Maar 'voortzetten' is niet 'vooruitgaan'. De beheersovereenkomsten lopen af zonder te worden vernieuwd. Nieuwe investeringen zijn geblokkeerd. Projecten die een politieke beslissing vereisen — een nieuwe tramlijn, een programma voor energetische renovatie, een hervorming van de tewerkstellingshulp — liggen stil. De instellingen beheren het bestaande, ze kunnen niet innoveren.
De politiezones
Brussel telt 6 lokale politiezones (Brussel-Hoofdstad/Elsene, Zuid, West, Marlow, Montgomery, Noord), elk beheerd door een politieraad bestaande uit vertegenwoordigers van de gemeenten. De politie functioneert onafhankelijk van de gewestelijke crisis, maar de gewestelijke dotaties bestemd voor veiligheid zijn bevroren op het niveau van 2024. De investeringen in uitrusting, aanwerving en politie-infrastructuur zijn uitgesteld.
Wie beslist wat?
Om de crisis te begrijpen, moet u weten welk bestuursniveau waarover beslist. Hier zijn de belangrijkste bevoegdheden en de verantwoordelijke instelling:
| Niveau | Belangrijkste bevoegdheden |
|---|---|
| Gewestelijke begroting | Brussels Parlement (op voorstel van de regering — onmogelijk in lopende zaken) |
| Sociale huisvesting | BGHM (gewestelijk) + 16 OVM's (lokaal) — investeringen bevroren |
| Openbaar vervoer | MIVB (para-gewestelijk) + Beliris (federaal voor Metro 3) |
| Werkgelegenheid en opleiding | Actiris (gewestelijk) + Bruxelles Formation / VDAB (gemeenschaps) |
| Gezondheid en sociale bijstand | GGC (bi-communautair) — geblokkeerd door dezelfde crisis |
| Leefmilieu en klimaat | Leefmilieu Brussel (gewestelijk) — projecten bevroren |
Waar zit de blokkering?
De blokkering is geconcentreerd op het niveau van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de GGC. Deze twee niveaus — die dezelfde regering delen — zijn de enige die niet over een volwaardig bestuur beschikken. Het federale niveau, de gemeenten, de para-gewestelijke instellingen en de politiezones blijven functioneren. Maar ze kunnen het ontbreken van een gewestelijke visie, een investeringsbegroting en wetgevende capaciteit niet compenseren. Het Gewest is het strategische niveau: zonder dat niveau beheren de andere het dagelijkse zonder de toekomst te kunnen voorbereiden.