Naar inhoud
Brussels Governance Monitor
DRAFT — Cette carte est en mode brouillon. Elle n'est pas visible sur le site public.

De 19 Brusselse OCMW's: drie overheden, één operator, drie gelijktijdige schokken

In uitvoeringGemengdBGM-schattingVue immersivebêta
Recent geverifieerd ·

De 19 Brusselse openbare centra voor maatschappelijk welzijn (OCMW's) stapelen in 2025-2026 een chronische onderfinanciering op, de bij de Raad van State betwiste intrekking van de federale PAS-subsidie (15,5 M€/jaar), en de absorptie van de federale werkloosheidshervorming in vier golven (35.799 uitgesloten Brusselaars in 2026 volgens de RVA). Brulocalis raamt ongeveer 146 M€/jaar aan nieuwe lasten voor de Brusselse OCMW's. Gestorte compensaties en gedocumenteerde noden komen niet samen.

Geschat budget

geraamd 1,5-2 mld € cumulatief voor de 19 OCMW's (te bevestigen bij het BISA / Brulocalis; Brussel-Stad alleen = 461,6 M€ in 2025)

Kerncijfers

3,7% van de bevolking (~46.000 personen gemiddeld per maand)

Maandelijkse leefloongerechtigden, Brussels Gewest

~6 500VTE (raming, boekjaar 2018, excl. art. 60 §7)

Geconsolideerd personeelsbestand van de 19 Brusselse OCMW's

1 690VTE (op 30 juni 2023)

Personeelsbestand OCMW Brussel-Stad (het grootste)

461,6M€ (in evenwicht)

Jaarbegroting OCMW Brussel-Stad (2025)

15,5M€ (vastgelegd bij KB van 21 maart 2024)

Federale PAS-subsidie, bedrag 2024 (vóór afschaffing)

11,8M€ (vermindering met 30 % vóór afschaffing op 1 januari 2026)

Federale PAS-subsidie, overgangsbedrag 2025

300M€ (nationaal, 2026 en 2027) → 342 M€ in 2029; cumul ~631 M€; geraamde reële impact ~1 mld €

Aangekondigde federale compensatie (raming Brulocalis / Rekenhof)

234M€ (nationaal, hoge hypotheses van terugkeer naar werk)

Aangekondigde federale compensatie (raming POD MI / regering)

26M€ (nationaal, gestemd in de Commissie Financiën op 10 december 2025, niet gestort op 7 januari 2026, toezegging tot storting eind januari 2026)

Federale compensatie 2025 (voorschot gestemd in de Kamer)

35 799personen (5.101 op 1/1 + 12.399 op 1/3 + 11.806 op 1/4 + 6.493 op 1/7; 88 % van een totale RVA-projectie van 40.775 inclusief de golf van 2027)

Uit de werkloosheid uitgesloten Brusselaars in 2026 (4 RVA-fasen overgemaakt aan Brulocalis)

~146M€/jaar (projectie Brulocalis: 24.465 uitgesloten personen ten laste × 1.322 € gemiddeld leefloon × 12 maanden × 30 % ten laste van de plaatselijke besturen = 116,4 M€ + 306 MA × 60 K + 245 admin × 45 K)

Projectie jaarlijkse lasten voor de Brusselse OCMW's (werkloosheidshervorming)

25M€ (op een begroting 2025 van 461,6 M€; mutualisering Stad/OCMW op logistiek en IT; dotatie Stad → OCMW = 105 M€ ofwel +3,5 % t.o.v. 2024)

Door de nieuwe meerderheid 2025 aan het OCMW van Brussel-Stad opgelegde besparingen

1 036€ per dossier (wet van 17/11/2025; voor de uitgesloten personen 1/1, 1/3, 1/4 2026; dekt 2026-2028)

Federale toelage personeelskosten OCMW, eerste golf van uitsluitingen

2 000functies (BXL: 550 waarvan 300 maatschappelijk assistenten en 250 administratieven)

In te vullen functies gewestbreed om de hervorming op te vangen

1,718mld € over 2025-2029; federale compensaties = 26,7 % van de nood; rest 1,258 mld ten laste van gemeenten + OCMW's + politiezones

Globale vraag van de Brusselse plaatselijke besturen (Brulocalis + Conferentie van de burgemeesters)

Waarschuwingen

  • Annulatieberoep bij de Raad van State over de PAS-subsidie, eind 2025 ingediend door meerdere Brusselse OCMW's; beroep nog hangende15 december 2025
  • 26 M€ federaal 2025 gestort aan de OCMW's op 21 januari 2026 (KB van 18/01/2026, BS van 26/01/2026)21 januari 2026
  • Grondwettelijk Hof, arrest nr. 11/2026 van 15 januari 2026: schorsing van de werkloosheidshervorming verworpen; annulatieberoep nog hangende langs vzw's/vakbonden en langs de OCMW's van Sint-Gillis, Vorst, Bergen, Andenne15 januari 2026
  • Bijkomende federale schrappingen of onzekerheden voor de OCMW's: Fonds voor Sociale Activering (PAS, afgeschaft), koudweerplan (afgeschaft), Housing First en MIRIAM (door Brulocalis gesignaleerde onzekerheden)11 maart 2026
  • OCMW Anderlecht: de federale minister van Maatschappelijke Integratie (N-VA) vraagt bijkomende onderzoeksdaden over de mogelijke fraude en stelt zich formeel burgerlijke partij, terwijl het parket de seponering vraagt (22 mei 2026)22 mei 2026

Betrokken actoren

POD Maatschappelijke Integratie (federale bevoegdheid)Inspectie van Financiën (federaal advies aangehaald door de minister)Federale Kamer (stemming over de compensaties)RekenhofRaad van State (hangende annulatieberoepen)Grondwettelijk Hof (beroep tegen de werkloosheidshervorming)RVA (projecties van uitsluitingen)GGC, Verenigd College (organieke voogdij over de OCMW's)Vivalis (administratie van de GGC, aansturing van de sector)Iriscare (bicommunautaire ION, gezondheid / bijstand aan personen)Observatorium voor Gezondheid en Welzijn (studiedienst van Vivalis)Cocof, Franse Gemeenschapscommissie (10 Franstalige CASG's, overgedragen bevoegdheden: maatschappelijke bijstand, samenleving, handicap)IRIS-netwerk, Brusselse openbare ziekenhuizen (DMH- en MediPrima-partners)Samusocial, coördinatie sociale noodhulp en opvangDiogenes vzw, terreinbegeleiding van dakloze personen naar OCMW en zorgMédimmigrant, referentiecentrum DMH en illegaal verblijfBrussel Plaatselijke BesturenBrulocalis, Federatie van de Brusselse OCMW'sConferentie van de Brusselse burgemeesters19 OCMW's en hun voorzittersVakbonden (ACOD-LRB, ABVV Bxl, ACV Brussel)Brupartners

De instelling in het kort

Een OCMW (openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn) is de publieke operator van laatste toevlucht inzake maatschappelijke bijstand. Zijn opdracht, vastgelegd door de federale organieke wet van 8 juli 1976, is om aan eenieder het recht te waarborgen om een leven te leiden dat overeenstemt met de menselijke waardigheid. In Brussel bestaan negentien OCMW's naast elkaar, één per gemeente, juridisch onderscheiden maar alle onder de voogdij van de GGC (Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie).

Drie overheden, één operator — de institutionele architectuur van de 19 Brusselse OCMW’s

Federaal

POD Maatschappelijke Integratie

  • Organieke OCMW-wet van 8 juli 1976
  • Wet betreffende het recht op maatschappelijke integratie van 26 mei 2002
  • Subsidies: leefloon, art. 60 §7, PAS (tot 2025), MediPrima
  • Kader maatschappelijke integratie

GGC

Verenigd College · Vivalis · Iriscare

  • Organiek toezicht op de Brusselse OCMW’s
  • Vivalis: administratie van de GGC
  • Iriscare: OIP opgericht in 2017 (gezondheid / hulp aan personen)

Gewest + Gemeenten

Brussel Plaatselijke besturen · 19 gemeenten

  • Driejarenplan en algemene gemeentedotatie (ADG)
  • Gewestelijke cofinanciering (variabel)
  • Gemeenten: operationeel beheer en eindfinanciering
gezagsstroom naar de 19 OCMW’s

19 Brusselse OCMW’s · GGC-toezicht · gemeentelijk beheer · federale financiering

Deze architectuur is de Brusselse eigenheid van het dossier. Het federale niveau bepaalt het kader (organieke wet 1976, RMI-wet van 26 mei 2002 over het leefloon) en financiert het grootste deel van de individuele bijstand (leefloon proportioneel terugbetaald, gerichte subsidies, MediPrima). De GGC oefent de organieke voogdij uit via het Verenigd College, haar administratie Vivalis en de instelling van openbaar nut Iriscare. Het Gewest en de gemeenten vullen aan: driejarenplan en algemene dotatie aan de gemeenten (ADG), variabele cofinanciering, en uiteindelijk een tekort dat wordt gedicht door de gemeente waarvan het OCMW afhangt. Drie overheden, één operator, zonder ingebouwde coördinatie.

Deze architectuur verklaart de huidige wrijvingen. Wanneer het federale niveau een subsidie intrekt, is het het OCMW dat dat vaststelt en de gemeente die betaalt. Wanneer de GGC als voogdij optreedt, beschikt zij niet over een gelijkwaardige financiële hefboom. Wanneer het Gewest gedeeltelijk compenseert, doet het dat via de ADG, zonder oormerking naar het OCMW. De hieronder gedocumenteerde schokken treffen deze drie niveaus gelijktijdig.

De organieke wet van 1976 bepaalt de gewone opdrachten van de OCMW's: leefloon (minimuminkomen voor personen zonder bestaansmiddelen), dringende medische hulp (DMH, essentiële zorg voor personen in illegaal verblijf of zonder geopende rechten), tewerkstelling via artikel 60 §7 (gesubsidieerde arbeidsovereenkomst voor herinschakeling), specifieke hulp (medische kaarten, equivalent leefloon voor vreemdelingen, schuldbemiddeling), en algemene sociale begeleiding.

Geconsolideerde gewestcijfers, (te bevestigen) : ongeveer 46.000 maandelijkse leefloongerechtigden in 2024 (3,7 % van de gewestelijke bevolking, tegenover 0,59 % in Vlaanderen en 1,98 % in Wallonië volgens indicators.be); ongeveer 6.500 personeelsleden in voltijdse equivalenten over de 19 OCMW's, een verhouding waarvan de componenten door Brussel Plaatselijke Besturen worden geconsolideerd in zijn Focus #14 (situatie op 30 juni 2023, gepubliceerd in februari 2025), met een stijgende trend (Brussel-Stad gaat alleen al van 1.595 VTE in 2018 naar 1.690 in 2023); geraamde cumulatieve begroting tussen 1,5 en 2 miljard euro door extrapolatie vanuit Brussel-Stad (461,6 M€ in 2025, ofwel ongeveer een kwart van het gewestelijke personeelsbestand). De exacte geconsolideerde rekeningen leven in XLSX-bijlagen van het BISA en van Brussel Plaatselijke Besturen die dit dossier nog niet als directe bronnen heeft binnengehaald.

Te noteren: maandelijkse voorraad (~46.000) en jaarlijkse stroom (alle personen die in de loop van het jaar minstens één maand een leefloon hebben ontvangen, het BISA telde 52.502 Brusselaars in 2018, een cijfer dat moet worden geactualiseerd) zijn twee onderscheiden metingen. Wanneer een publieke actor over « gerechtigden » spreekt, moet altijd worden gepreciseerd over welke het gaat.

Het Brusselse sociale ecosysteem rond het OCMW

De drie overheden van de component hierboven (federaal, GGC, gemeenten) zijn diegene die op het OCMW handelen: zij financieren het, houden toezicht, beheren het. Maar de operator op het terrein werkt niet in een vacuüm: hij is ingebed in een Brussels sociaal ecosysteem waar andere publieke en verenigingsactoren naast het OCMW presteren, soms voor hetzelfde publiek. Dit dossier volgt de instelling OCMW, maar het is nuttig om kort de actoren te schetsen waarmee zij het terrein deelt.

De Cocof (Franse Gemeenschapscommissie) heeft geen voogdij over de OCMW's, maar oefent overgedragen bevoegdheden uit inzake maatschappelijke bijstand, bijstand aan personen met een handicap, integratie van immigranten en sociale samenhang. Zij beheert met name tien Franstalige Centra voor globale sociale actie (CASG), verenigingsactoren gefinancierd door de Cocof, die publieken begeleiden die vaak gemeenschappelijk zijn met de OCMW's zonder daar een uitloper van te zijn. Wanneer een OCMW een complex dossier begeleidt, kan het dichtstbijzijnde CASG een partner in de begeleiding zijn; en omgekeerd verwijst een verzadigd CASG zijn dossiers door naar het gemeentelijke OCMW.

De GGC beperkt zich niet tot de organieke voogdij over de OCMW's: zij subsidieert en coördineert, via Vivalis en Iriscare, meer dan driehonderd tweetalige instellingen op het Brusselse grondgebied: openbare ziekenhuizen van het IRIS-netwerk, rust- en verzorgingstehuizen, diensten voor geestelijke gezondheidszorg, initiatieven voor beschut wonen, opvangcentra. Inzake medische hulp in het bijzonder is het koppel OCMW / openbare IRIS-ziekenhuizen een permanent partnerschap: de MediPrima-facturatie en de DMH-regeling voor personen in illegaal verblijf doen elk jaar talrijke dossiers circuleren tussen de OCMW-loketten en de spoeddiensten van de ziekenhuizen.

De verenigingssector (niet-publiek, maar vaak erkend en gesubsidieerd) vervolledigt tot slot de keten. De Samusocial verzorgt de operationele coördinatie van de sociale noodhulp en de opvang in Brussel, in rechtstreeks verband met de OCMW's voor dakloze personen. Diogenes werkt in de eerste lijn met daklozen, begeleidt hen fysiek naar de OCMW's en de zorgdiensten. Médimmigrant is het referentiecentrum inzake DMH, ter ondersteuning van de OCMW's, de ziekenhuizen en de hulpverleners die geconfronteerd worden met complexe dossiers van illegaal verblijf. Deze drie operatoren zijn institutionele bronnen die regelmatig door de OCMW's zelf worden aangehaald en staan in de frontmatter van dit dossier.

Schok 1, de chronische onderfinanciering, ouder dan de recente schokken

De Brusselse OCMW's maken geen nieuwe crisis door. Zij maken een crisis door die al lang gedocumenteerd is en die verergert onder twee recente federale beslissingen. Deze sectie schetst het decor zonder welke de volgende secties onleesbaar zouden zijn.

Het memorandum 2024-2029 over de financiering van de plaatselijke besturen, gepubliceerd door Brussel Plaatselijke Besturen, stelt de structurele vraag: de Brusselse gemeenten en OCMW's absorberen sinds verschillende jaren lastenverschuivingen zonder gelijkwaardige compensatie. Op 11 maart 2026 maakten Brulocalis, de Conferentie van de Brusselse burgemeesters en de Federatie van de OCMW's een verfijnde studie openbaar die dit tekort raamt op 1,718 miljard euro over 2025-2029, ofwel meer dan 340 miljoen per jaar. De aangekondigde federale compensaties zouden slechts 26,7 % van deze nood dekken, waardoor gemeenten, OCMW's en politiezones zelf 1,258 miljard euro moeten vinden.

Brulocalis benadrukt dat de impact van deze federale beslissingen zwaarder weegt in Brussel dan in de andere gewesten, om drie cumulatieve redenen: een specifiek sociaal weefsel (concentratie van bestaansonzekerheid, jeugd, bevolkingsgroepen met migratieachtergrond), een rol van hoofdstad op gewestelijk, nationaal, Europees en internationaal vlak die de opdrachten vermenigvuldigt zonder overeenkomstige financiële overdrachten, en een belangrijkere gewestelijke steun aan de financiering van de Vlaamse gemeenten door hun Gewest. Dit interregionale onevenwicht is een terugkerend structureel argument in het Brusselse pleidooi.

Op het terrein spreken de OCMW-voorzitters sinds 2025 over een instelling « buiten alle normen ». De voorzitter van de Federatie van de Brusselse OCMW's (entiteit ondergebracht bij Brulocalis), verkozen in april 2025 en tevens voorzitter van een Brussels OCMW, draagt deze communicatie en herhaalde meermaals dat « het tegen het einde van het jaar onmogelijk is om het personeel voor de OCMW's te vinden ». De toon is niet militant: hij is institutioneel en bedaard. Maar hij is van een ongewone scherpte.

De studie schrijft deze lasten toe aan vier voornaamste bronnen:

  • Pensioenen van de lokale ambtenaren: ondanks de overgang van het federale niveau naar 30 % van de financiering van de tweede pijler (in plaats van eerder 10 %), blijven zware onzekerheden bestaan over de structurele financiering van de pensioenen van het statutaire personeel. De omgekeerde leeftijdspiramide van de statutairen (zie sectie « Het personeel ») versterkt deze druk.
  • Onderfinanciering van de politiezones: de opgelegde fusie van de Brusselse zones vordert zonder aangetoonde schaalvoordelen, en de maatregelen ter versterking van de aantrekkelijkheid van het politieberoep brengen bijkomende gemeentelijke kosten met zich mee. De belofte van een herziening van de « KUL »-norm (federale verdeelsleutel voor de financiering van de politiezones) is niet gerealiseerd.
  • Federale werkloosheidshervorming: behandeld in schok 3 hieronder.
  • Federale fiscale hervorming: toegepast vanaf 2029, zou zij de gemeenten 17 miljoen euro aan ontvangsten per jaar ontnemen.
  • Geen kadastrale actualisering door het federale niveau: ontneemt de gemeenten 130 tot 180 miljoen euro aan kadastrale ontvangsten per jaar.

De berekening van de aangekondigde compensaties voor de werkloosheidshervorming wordt bovendien expliciet onderuitgehaald door het Rekenhof in zijn rapport 2026 over het begrotingsontwerp, wat de vaststelling versterkt dat de door de regering naar voren geschoven cijfers onderschat zijn.

Brulocalis signaleert daarnaast verschillende andere verwachte overdrachten, onderscheiden van de werkloosheidshervorming: de afschaffing van het Fonds voor Sociale Activering (= PAS-subsidie, zie schok 2 hieronder), de afschaffing van het koudweerplan, en gesignaleerde onzekerheden over Housing First (federaal beleid inzake toegang tot huisvesting voor daklozen) en MIRIAM (begeleidingsprogramma voor alleenstaande moeders via de OCMW's). In dit stadium zijn noch Housing First noch MIRIAM formeel afgeschaft door een wettelijke of reglementaire tekst: de onzekerheid hangt samen met lopende begrotingsafwegingen.

In het najaar van 2025 had Brulocalis al een communiqué gepubliceerd dat de « nakende catastrofe » aankondigde indien het uitblijven van compensaties zou aanhouden. Dit communiqué blijft langs de kant van de monitor gedeeltelijk ondoorzichtig: de antibotbeveiligingen van de site verhinderen op het ogenblik van de redactie om het integrale verbatim ervan op te halen. De vraag blijft dus open of het « ultimatum van oktober 2025 » dat door bepaalde kanalen wordt vermeld, specifiek de federale 26 miljoen 2025 betrof (sinds 21 januari 2026 gestort, zie schok 3) dan wel een onderscheiden GGC-dotatie. Deze onnauwkeurigheid is gedocumenteerd in de open vragen aan het einde van het dossier.

Schok 2, de intrekking van de PAS-subsidie en het beroep bij de Raad van State

De PAS-subsidie (Sociale Participatie en Activering) werd in 2003 door het federale niveau ingesteld. Zij financiert, ten belope van ongeveer 15,5 miljoen euro per jaar op nationaal niveau, projecten die de OCMW's dragen op twee assen: de sociale participatie en activering enerzijds, de strijd tegen kinderarmoede anderzijds. Concreet: socialisatieateliers, tenlasteneming van culturele en sportieve activiteiten, specifieke begeleiding van kwetsbare gezinnen.

De chronologie van de afschaffing is gedocumenteerd. Voor 2024 had het koninklijk besluit van 21 maart 2024 15,5 miljoen euro voor de subsidie vastgelegd. Voor 2025 verminderde de federale begroting de enveloppe tot ongeveer 11,8 miljoen euro (een snoei van ongeveer 30 %). Vanaf 1 januari 2026 wordt de subsidie integraal afgeschaft. De lokale pers berichtte over de beslissing (RTBF, BX1, 21news, Guide Social) als een « grote en brutale sociale achteruitgang » volgens de Brusselse OCMW's.

De Brusselse OCMW's betwisten de federale rechtvaardiging radicaal. Volgens hen plaatsen de bijzondere wetten die de verdeling van de bevoegdheden organiseren de algemene maatschappelijke bijstand en het kader van de maatschappelijke integratie via de OCMW's duidelijk binnen de federale bevoegdheid. Meerdere Brusselse OCMW's dienden eind 2025 een annulatieberoep in bij de Raad van State. De procedure loopt op het ogenblik van de redactie van dit dossier, zonder kalender voor een openbare zitting.

De context van deze afschaffing is breder: in het najaar van 2025 had het federale niveau ook de subsidies van het koudweerplan afgeschaft, een ander federaal mechanisme dat via de OCMW's en aangrenzende actoren liep (met name de Samusocial). Voor de operatoren op het terrein passen deze beslissingen in een reeks besparingen veeleer dan een geïsoleerde aanpassing.

De federale rechtvaardiging berust op een argument van bevoegdheidsverdeling. Tijdens de vergadering van 5 november 2025 in de Federale Kamer (56e zittingsperiode, tussenkomst 04.04) antwoordde de federale minister van Maatschappelijke Integratie op een parlementaire vraag, gesteld door de volksvertegenwoordigster Marie Meunier, met de volgende woorden:

« De Inspectie van Financiën heeft de PAS-subsidie specifiek gekwalificeerd als een subsidie met usurperend karakter. [Deze beoordeling] berust op de bevoegdheidscriteria die door het Grondwettelijk Hof en de Raad van State worden gehanteerd. In werkelijkheid werd in 2024 15,5 miljoen euro vastgelegd voor de financiering van de PAS-subsidie, zoals bevestigd door het koninklijk besluit van 21 maart 2024. Vanaf 2026 verleng ik deze subsidie niet meer. »

Deze formulering vraagt om twee preciseringen. Enerzijds wordt het advies van de Inspectie van Financiën niet rechtstreeks gepubliceerd: het wordt weergegeven door de minister, die de inhoud ervan samenvat. De monitor geeft dus de aangevoerde motieven weer zonder ze aan de bron te kunnen raadplegen. Anderzijds verwijst de kwalificatie « usurperend » naar een technisch begrip uit de federale-deelstatelijke bevoegdheidsverdeling, niet naar een moreel oordeel.

Schok 3, de federale werkloosheidshervorming: de absorptie in gedwongen tempo

De federale werkloosheidshervorming, gedragen door de « Arizona »-regering, trad in werking op 1 januari 2026. Zij beperkt de duur van de werkloosheidsuitkeringen tot één of twee jaar naargelang het profiel. De wettelijke basis werd in twee fasen opgebouwd: de programmawet van 18 juli 2025 (hoofdkader), vervolgens de wet van 17 november 2025 over de aan de OCMW's verleende compensaties, waarvan het koninklijk besluit van 7 januari 2026 de inwerkingtreding op 1 januari 2026 vastlegde (bekendmaking in het Belgisch Staatsblad op 19 januari 2026; uitzondering voor artikel 5, 1° over de GPMI-subsidie, waarvan de wijzigingen pas vanaf 1 januari 2028 van toepassing zijn). Voor de profielen die ver van de arbeidsmarkt staan, leidt het einde van de uitkeringen tot een mechanische overschakeling naar het leefloon, dus naar het OCMW van de gemeente van verblijf.

De kalender van de uitsluitingen in Brussel

De federale regering spreidde de uitsluitingen over verschillende golven. Voor 2026 maakte de RVA aan Brulocalis (Federatie van de Brusselse OCMW's) de volgende kalender over voor het Brussels Gewest:

FaseDatum van uitwerkingBeoogd publiekUitgesloten BrusselaarsAandeel van het totaal 2026
11 januari 2026Meer dan 20 jaar werkloosheid5.10120,1 %
21 maart 2026Tussen 8 en 20 jaar12.39929,3 %
31 april 2026Tussen 2 en 8 jaar11.80626,1 %
41 juli 2026Twee jaar6.49323,1 %
Totaal 202635.799100 %

Bij deze 35.799 uitsluitingen komt een nieuwe golf op 1 juli 2027, waardoor de totale RVA-projectie op 40.775 personen komt (de 35.799 van 2026 vertegenwoordigen 88 % van het totaal). Deze cijfers vervangen in dit dossier de vagere vork (« tussen 32.000 en 42.000 ») die de pers in de zomer van 2025 had geprojecteerd op basis van ramingen van vóór de finalisering van de wet.

Daarbovenop komt een bijkomende laag die op 1 maart 2026 in werking trad: een wetswijziging die de OCMW's verplicht om bij de berekening van het leefloon rekening te houden met de inkomsten van bepaalde samenwonenden (partner, meerderjarige kinderen, bloedverwanten in opgaande lijn). Bij gebrek aan een gekend inkomen wordt een forfaitair maandbedrag van 240 € toegepast. Het OCMW van Schaarbeek heeft, net als andere Brusselse OCMW's, wekelijkse zitdagen ingericht die gewijd zijn aan de uit de werkloosheid uitgesloten personen om de toestroom op te vangen en het nieuwe kader uit te leggen.

De aangekondigde compensaties: twee officiële cijfers in spanning

De federale regering en het Rekenhof zijn het niet eens over de reële kostprijs van de hervorming voor de OCMW's. Het Rekenhof stelde in zijn rapport 2026 over het begrotingsontwerp de federale berekening van de compensaties expliciet ter discussie, en oordeelde dat de enveloppe onderschat is. De compensatiebeslissing die de regering op 19 september 2025 nam en de wet van 17 november 2025 voorzien, op nationaal niveau:

Financiële stromen van de Brusselse OCMW’s — bronnen, kanalen, statussen
  • Federaal terugbetaald leefloon (gemeenrechtelijk stelsel)
    lopend

    POD MI → OCMW

    100 % in 2026, 90 % in 2027, 80 % in 2028, 75 % vanaf 2029

    +15 % bijkomend voor aanvragen geopend vanaf 1 juli 2026

  • PAS-subsidie
    afgeschaft

    POD MI → OCMW

    ~15,5 M€/jaar (nationaal, tot 2024), 11,8 M€ in 2025, 0 € vanaf 2026

    Annulatieberoep hangende bij de Raad van State

  • Compensatie werkloosheidshervorming (raming Brulocalis / Rekenhof)
    aangekondigd

    POD MI → OCMW

    300 M€ (2026 en 2027) → 342 M€ in 2029; cumul ~631 M€; geraamde reële impact ~1 mld €

  • Compensatie werkloosheidshervorming (raming POD MI / regering)
    aangekondigd

    POD MI → OCMW

    234 M€ (nationaal, hoge hypotheses van terugkeer naar werk)

  • Federale compensatie 2025 (voorschot)
    lopend

    POD MI → OCMW

    26 M€ (nationaal)

    Gestort op 21 januari 2026 (KB van 18/01/2026, BS van 26/01/2026, communicatie « 26M/ordernummer »)

  • Toelage personeelskosten, eerste golf
    lopend

    POD MI → OCMW

    1.036 € per dossier (2026-2028)

    Wet van 17/11/2025; uitsluitend voor de uitgesloten personen van fasen 1, 2 en 3 (1/1, 1/3, 1/4 2026)

  • GPMI-bonus
    aangekondigd

    POD MI → OCMW

    1.776 €/dossier voor duurzame uitstroom (≥ 1 jaar tewerkstelling)

    Bonus-malusmechanisme vanaf 1 januari 2028 (artikel 5, 1° van de wet van 17/11/2025), volgens Brulocalis kan het de terugbetalingsgraad van het leefloon op meer dan 100 % brengen voor de uitgesloten personen van de eerste golf in de grote steden wanneer het percentage GPMI hoog is

  • GGC-dotatie
    structureel

    GGC → Brusselse OCMW's

    Specifieke enveloppe (bedrag te bevestigen)

  • Gewestelijke cofinanciering via ADG
    lopend

    BHG → gemeenten → OCMW

    Variabel

  • Uiteindelijke gemeentelijke tussenkomst (gedicht tekort)
    structureel

    Gemeente → OCMW

    Variabel

Het verschil tussen 234 M€ (regering) en

weerspiegelt verschillende hypotheses over de graad van terugkeer naar werk. De regering rekent op een snelle uitstroom uit het leefloon; het Rekenhof beschouwt deze hypothese als « optimistisch » gezien het profiel van de betrokken publieken (langdurig werklozen die vaak ver van de arbeidsmarkt staan). Indien de hoge hypothese van de regering bevestigd wordt, vermindert het verschil. Indien zij niet bevestigd wordt, zal het verschil lokaal moeten worden gedragen.

De effectieve storting van de 26 miljoen voorschot 2025 vond uiteindelijk plaats op 21 januari 2026 (koninklijk besluit van 18 januari, bekendmaking in het Belgisch Staatsblad op 26 januari). Deze compensatie, gestemd in de Kamer in de Commissie Financiën op 10 december 2025, beoogt een deel te dekken van de toename van de werklast die verbonden is aan de komst van de nieuwe gerechtigden.

Voor de fijne mechaniek van de overschakeling RVA → leefloon en het cascade-effect naar het RVV-statuut, zie het dossier RVV.

De Brulocalis-projectie voor Brussel: ~146 M€/jaar aan nieuwe lasten

De Federatie van de Brusselse OCMW's (Brulocalis) publiceerde in nummer 144 van Trait d'Union (juli-augustus-september 2025) een becijferde projectie van de jaarlijkse financiële impact van de hervorming voor het Gewest. De methodologie is expliciet en reproduceerbaar:

  • 24.465 uitgesloten personen ten laste van de Brusselse OCMW's (gemiddeld scenario dat door Brulocalis als « het meest realistische » wordt beschouwd, voorzichtiger dan de totale RVA-projectie)
  • × 1.322 € gemiddeld maandelijks leefloon (indexering februari 2025)
  • × 12 maanden × 30 % aandeel ten laste van de plaatselijke besturen (het saldo wordt door het federale niveau terugbetaald, maar tegen een variabele en gefaseerde graad)
  • = 116,4 M€/jaar uitsluitend voor het leefloon netto van de federale compensaties
    • 306 bijkomende maatschappelijk assistenten (1 VTE per 80 dossiers) × 60.000 €/jaar = 18,4 M€/jaar
    • 245 administratieve en onthaalprofielen (1 VTE per 100 dossiers) × 45.000 €/jaar = 11,0 M€/jaar

Totale Brulocalis-projectie: ongeveer 146 miljoen euro per jaar geabsorbeerd door de Brusselse OCMW's op kruissnelheid, uitsluitend voor de operationele uitvoering van de hervorming. De projectie preciseert dat zij enkel het niet-terugbetaalde leefloondeel dekt en dat slechts een deel van de personeelskost erin verwerkt is: de reële kost zou dus hoger kunnen liggen.

Het operationele antwoord: 2.000 in te vullen functies, waarvan 550 in Brussel

Om deze toestroom op te vangen, moeten de OCMW's snel aanwerven. Volgens de Guide Social (artikel van 27 januari 2026) zijn er ongeveer 2.000 functies in te vullen op nationaal niveau, waarvan 550 in Brussel, een cijfer dat overeenstemt met de Brulocalis-projectie (306 maatschappelijk assistenten + 245 administratieven = 551). Het OCMW van Brussel-Stad alleen al kondigt een toegewijde inspanning aan: 500.000 € budget om de teams van maatschappelijk assistenten te versterken, 800 activeringen in artikel 60 §7 over 2026, drie nieuwe antennes, 3.550 nieuwe verwachte gerechtigden en 6.000 begeleide personen over het jaar (bronnen: OCMW van Brussel-Stad; voorstelling van de begroting 2025 aan de gemeenteraad). Wallonië en Vlaanderen kondigen verhoudingsgewijs vergelijkbare inspanningen aan ten opzichte van hun gewicht.

De kalender is kort en de markt van het sociaal werk staat al onder druk: de maatschappelijk assistenten behoren tot de knelpuntberoepen in het Brussels Gewest.

De juridische beroepen: twee hangende fronten voor het Grondwettelijk Hof

Twee onderscheiden procedures betwisten de werkloosheidshervorming voor het Grondwettelijk Hof.

Aan de ene kant sloten in de zomer van 2025 de OCMW's van Sint-Gillis, Vorst, Bergen en Andenne zich aan bij een gemeentelijk beroep tegen de programmawet van 18 juli 2025. Aan de andere kant diende op 29 oktober 2025 een front, samengesteld uit veertien vzw's (waaronder het Belgisch Netwerk Armoedebestrijding/BAPN, de Ligue des familles, de Ligue des droits humains, Soralia, Vie féminine), vier feitelijke verenigingen en negen natuurlijke personen in werkloosheid, gesteund door het gemeenschappelijk vakbondsfront (ACV, ABVV, ACLVB), een annulatieberoep in vergezeld van een schorsingsvordering.

Het Grondwettelijk Hof deed uitspraak over de schorsingsvordering met zijn arrest nr. 11/2026 van 15 januari 2026: de schorsing wordt verworpen, op grond dat de verzoekers het bestaan van een « risico op een moeilijk te herstellen ernstig nadeel » niet hebben aangetoond dat voldoende zou zijn om de onmiddellijke toepassing van de wet te schorsen. De aangevochten artikelen zijn in essentie de artikelen 142 (inschakelingsuitkering teruggebracht van 36 naar 12 maanden), 169 (duur van de werkloosheidsuitkeringen) en 207, 209, 212 en 216 (overgangsbepalingen). Het arrest loopt niet vooruit op de grond van de zaak: de annulatieprocedure blijft langs beide kanten hangende en er is geen datum van zitting vastgelegd voor de debatten over het annulatieberoep zelf. Een diepgaandere analyse zou kunnen leiden tot een gedeeltelijke of volledige vernietiging.

Op 30 juni 2025 hadden de voorzitters van de OCMW's van Sint-Gillis, Vorst en Brussel-Stad, tijdens een door ACV Brussel georganiseerd debat, publiek hun analyses uiteengezet. De standpunten lopen uiteen: de voorzitters van Sint-Gillis en Vorst klagen een « onrechtvaardige, inefficiënte en onbeheersbare » maatregel aan, terwijl de voorzitter van Brussel-Stad de activeringsdoelstelling steunt en tegelijk pleit voor een versterkte begeleiding; maar de drie zijn het eens over de operationele vaststelling: de Brusselse OCMW's absorberen een schok waarvan het federale niveau hun de uitvoering heeft gedelegeerd zonder de tijdslijn ervan te beheersen.

Het personeel, de dijk barst

Het geconsolideerde personeelsbestand van de 19 Brusselse OCMW's bedraagt ongeveer 6.500 VTE, een orde van grootte vergelijkbaar met die van de MIVB of van een groot gewestelijk ziekenhuis.

Verschillende vakbondsnota's documenteren sinds eind 2024 een onhoudbaar geworden overbelasting. De ACOD-LRB publiceert in december 2024 een nota die waarschuwt voor de verhouding gerechtigden/maatschappelijk assistent en voor de verslechtering van de onthaalvoorwaarden. Het ABVV Brussel publiceert in april 2025 een analyse over de structurele onderfinanciering en het verloop. Het ACV Brussel hield een debat met de OCMW-voorzitters op 30 juni 2025 en organiseerde een mars tegen de « Arizona »-hervorming op 28 april 2025.

De publieke aandacht voor de veiligheid van het personeel kristalliseerde rond een gebeurtenis in Anderlecht op 25 maart 2026 (ernstig incident in een Brussels OCMW, reeds gedocumenteerd in de domeinkaart social). De vakbondsfederaties en de Federatie van de OCMW's vragen sindsdien structurele mechanismen voor begeleiding en bescherming.

Daarbij komt een fundamentele moeilijkheid: de functie van maatschappelijk assistent is een knelpuntberoep in het Brussels Gewest. 300 nieuwe maatschappelijk assistenten in Brussel aanwerven tegen eind 2026, terwijl de initiële opleiding een beperkt aantal profielen per jaar oplevert, veronderstelt ofwel een herziening van de aanwervingscriteria (wat verschillende OCMW's overwegen, door overdraagbare competenties te valoriseren in plaats van strikt disciplinaire opleiding), ofwel een verbreding van de toegangswegen (mentorschap, intensieve interne opleiding). Geen van deze wegen is operationeel neutraal.

De meest recente gegevens, geconsolideerd door Brussel Plaatselijke Besturen (Focus #14, situatie op 30 juni 2023), bevestigen verschillende structurele kenmerken:

  • 81 % van de OCMW-personeelsleden zijn contractueel (tegenover 64 % in de gemeenten), wat de OCMW-administraties bijzonder afhankelijk maakt van de markten van het sociaal werk om hun teams weer aan te vullen
  • 17 % van de OCMW-personeelsleden zijn in dienst in het kader van een subsidie (vs 11 % in de gemeenten), ofwel een sterke blootstelling aan de federale en gewestelijke beslissingen over de subsidie-enveloppes (artikel 60 §7, GECO, enz.)
  • Meer dan een derde van de OCMW-personeelsleden zijn van niveau B, hoofdzakelijk maatschappelijk assistenten en verpleegkundigen, beroepen die de kern van de opdracht vormen, dus in directe concurrentie met de aanwervingen 2026 beschreven in schok 3
  • 70 % van de personeelsleden zijn vrouwen (vs 55 % in de gemeenten)
  • 62 % van de personeelsleden wonen in het Brussels Gewest (vs 67 % in de gemeenten), met een hoger aandeel Brusselaars bij de contractuelen dan bij de statutairen
  • De personeelsuitgaven zijn de tweede post van de gewone uitgaven van de OCMW's, net na de uitkering van de sociale steun: elke druk op de personeelsenveloppe wordt onmiddellijk gevoeld op de begeleidingscapaciteit.

Aan dit beeld komt een omgekeerde leeftijdspiramide bij de statutairen toe: zij zijn gemiddeld ouder dan de contractuelen en hun demografische structuur doet een financieringsrisico wegen op het pensioenstelsel van het lokale personeel. Brussel Plaatselijke Besturen kwalificeert dit punt als een « belangrijk probleem voor de financiering van het pensioenstelsel van het benoemde personeel van de plaatselijke besturen », een structureel risico parallel aan de werkloosheidskwestie (zie schok 1 over de pensioenen).

Eerste geval van ontslagen (juni 2026): de gemeente Sint-Jans-Molenbeek overweegt, in haar begrotingssaneringsplan, om 40 banen te schrappen, waarvan 20 bij het OCMW, terwijl, volgens haar voorzitter, het aantal geholpen personen er sinds de werkloosheidshervorming is gestegen van 7.300 naar 8.500 en de gemeentelijke dotatie (43,7 M€) lager blijft dan de geraamde noden (51,5 M€). De 13 recent aangeworven maatschappelijk assistentes worden gespaard; de dienst voor de strijd tegen de digitale kloof zal « drastisch worden ingekrompen ». Het is de eerste concrete vertaling, op de schaal van een Brussels OCMW, van de in deze sectie beschreven spanning: de dijk barst niet langer enkel door de overbelasting, maar door de tewerkstelling zelf. Bron: BX1 (12 juni 2026), verklaringen van de voorzitter van het OCMW. Vertrouwen: unconfirmed.

Stakingsaanzegging van onbepaalde duur (16 juni 2026): het gemeenschappelijk vakbondsfront (de drie vakbonden) diende op 16 juni een stakingsaanzegging van onbepaalde duur in bij het OCMW van Molenbeek tegen de besparingen, en betwist een halvering van de eindejaarspremie, de schrapping van een veertigtal banen en de overbelasting van het resterende personeel, die zij verbinden aan een « chronische onderfinanciering » op gewestelijk en federaal niveau. Een betoging was gepland op woensdag om 17.30 uur voor het gemeentehuis. Het is het eerste open sociaal conflict in een Brussels OCMW gelinkt aan de besparingsplannen na de hervorming. Bron: BRUZZ Politiek (16 juni 2026). Vertrouwen: unconfirmed.

Gemeentelijke diversiteit, de gradiënt van de negentien realiteiten

Over de « Brusselse OCMW's » in het meervoud spreken volstaat niet: tussen de gemeenten is het verschil aanzienlijk. Het kleinste OCMW, Koekelberg, telt 88 VTE. Het grootste, Brussel-Stad, telt er 1.690. Deze asymmetrie van personeelsbestanden weerspiegelt asymmetrieën van vraag (dichtheid van kwetsbare bevolking) en asymmetrieën van fiscale capaciteit (gemeentelijke heffingsbasis).

Brussel-Stad dient hier als spilcase, precies omdat de gemeente uitvoerig communiceert. Begroting 2025 in evenwicht op 461,6 miljoen euro (voor het OCMW alleen), met een dotatie van de Stad ten belope van 105 miljoen euro (een stijging met 3,5 % ten opzichte van 2024) en 53 miljoen euro aan investeringen. Versterkingsplan aangekondigd in januari 2026: 500.000 € bijkomend voor de teams van maatschappelijk assistenten, 800 activeringen in artikel 60 §7, drie nieuwe antennes, 3.550 nieuwe verwachte gerechtigden, 6.000 begeleide personen over het jaar.

De nieuwe gemeentelijke meerderheid die voortkwam uit de verkiezingen van oktober 2024, onder het voorzitterschap van het OCMW sinds februari 2025, legde tegelijk 25 miljoen euro besparingen op aan de begroting 2025 van het OCMW, met name via een mutualisering van de transversale functies tussen de Stad en het OCMW (logistiek, informatica). Deze besparingen passen in een bredere inspanning van 100 miljoen op de schaal van de Stad (bronnen: RTBF 5 december 2025; L'Avenir 5 december 2025). Het is het meest zichtbare OCMW, het is niet het meest representatieve.

Meer blootgesteld aan de structurele schok: Anderlecht, Sint-Jans-Molenbeek, Sint-Joost-ten-Node, Sint-Gillis, Vorst, Schaarbeek. Minder blootgesteld: Sint-Pieters-Woluwe, Watermaal-Bosvoorde. De gemeentelijke gradiënt van het RVV-statuut (van 9 % in Sint-Pieters-Woluwe tot 48 % in Molenbeek volgens de RIZIV/IMA-gegevens, zie dossier RVV) is een betrouwbare indicator van de OCMW-druk, zonder de druk zelf te zijn, die ook afhangt van het lokale verenigingsweefsel en van de begrotingsmarges van de gemeente. Verschillende Brusselse OCMW's, waaronder Schaarbeek, hebben vanaf de winter 2025-2026 wekelijkse zitdagen ingericht die gewijd zijn aan de uit de werkloosheid uitgesloten personen om de toestroom op te vangen en het nieuwe wettelijke kader uit te leggen aan de personen die overschakelen vanuit de RVA.

Dit dossier blijft voorlopig gewestelijk. Een fase 2 voorziet om elk van de 19 gemeentekaarten te verrijken met een becijferd OCMW-blok (begroting, leefloon, antennes, voorzitter), zodra dit gewestelijke dossier gepubliceerd is.

Wat we in de gaten houden

Vijf vragen structureren de opvolging door BGM. Zij zullen voortdurend worden geactualiseerd via de dagelijkse monitoring en gesignaleerd in de wekelijkse digests.

Actieve procedures opgevolgd door BGM
  • Beroep bij de Raad van State over de PAS-subsidielopend

    Annulatieberoep ingediend eind 2025 door meerdere Brusselse OCMW's; nog hangende

    15 december 2025

  • Storting van de 26 M€ federaal 2025 aan de OCMW'sop te volgen

    Gestort op 21/01/2026 (KB van 18/01/2026; bekendmaking Belgisch Staatsblad op 26/01/2026; communicatie « 26M/ordernummer »)

    21 januari 2026

  • Beroep bij het Grondwettelijk Hof over de werkloosheidshervorming (twee fronten)lopend

    Arrest nr. 11/2026 van 15/01/2026: schorsing verworpen. Annulatieberoep nog hangende langs 4 OCMW's (Sint-Gillis, Vorst, Bergen, Andenne) en langs 14 vzw's + 4 feitelijke verenigingen + 9 natuurlijke personen + gemeenschappelijk vakbondsfront (ACV, ABVV, ACLVB)

    15 januari 2026

  1. Beslissing van de Raad van State over de PAS-subsidie. Kalender van de zitting niet openbaar op het ogenblik van de redactie. Een vernietiging zou het federale niveau verplichten om de subsidie opnieuw op de begroting in te schrijven of te herkwalificeren; een verwerping zou de afschaffing bekrachtigen en de last definitief verschuiven.
  2. Compensaties werkloosheid 2027-2029: toereikend of niet? Het verschil 234 M€ vs 300 M€ zal zich in de komende 18 maanden oplossen naargelang de hypotheses van de regering over de terugkeer naar werk zich al dan niet bevestigen. Het Rekenhof heeft de federale berekening al onderuitgehaald in zijn rapport 2026 over het begrotingsontwerp.
  3. Beslissing van het Grondwettelijk Hof over de grond van de zaak. Het arrest 11/2026 van 15 januari 2026 heeft de schorsingsvordering verworpen, maar loopt niet vooruit op de grond. De annulatieprocedure blijft langs beide kanten hangende en er is geen datum van zitting vastgelegd. Een gedeeltelijke of volledige vernietiging blijft mogelijk.
  4. Gehaalde aanwervingen. Het aangekondigde plan (2.000 nationale functies, 550 Brusselse waarvan 306 MA en 245 administratieven volgens Brulocalis) zal gehaald worden als de opleiding en de arbeidsvoorwaarden volgen. Zo niet blijft de absorptie theoretisch.
  5. Politiek antwoord op de 1,7 miljard gevraagd door Brulocalis en de Conferentie van de burgemeesters. Een compensatie ten belope van 26,7 % van de gedocumenteerde nood is structureel niet houdbaar; het Gewest en het federale niveau zullen zich moeten positioneren. In het bijzonder in de gaten te houden: het lot van Housing First en MIRIAM, waarvan Brulocalis de onzekerheden signaleert.

Een resterende vraag blijft open langs de kant van de monitor: de exacte inhoud van het Brulocalis-ultimatum van oktober 2025 kon niet aan de bron worden geverifieerd (antibotbeveiliging die blokkeert). Het blijft te verduidelijken of een onderscheiden GGC-dotatie (boven op de federale 26 M€ 2025, die voortaan gestort zijn) deel uitmaakte van de vraag. Deze opening wordt bewust zichtbaar gelaten: een institutioneel dossier met grote inzet leeft beter met zijn gesignaleerde onzekerheden dan met niet-staafbare beweringen.

Extern signaal, publiek buiten het vangnet, alarm dienstencheques 2026. De werkneemsters van de dienstencheques in de sociale inschakelingseconomie (~735 bedreigde banen in Brussel op 1 januari 2027 volgens de FeBISP, 347 volgens het kabinet Hublet) vertonen een demografisch profiel dat overwegend buiten-Europees is, voor 95 % vrouwelijk, vaak zonder toegang tot de werkloosheid en zonder vervulde voorwaarde voor de maatschappelijke hulp van het OCMW. Bij ontslag zou dit publiek niet over een automatisch vangnet beschikken, een gebruikssituatie om in de gaten te houden voor de 19 Brusselse OCMW's. Details in het dossier Dienstencheques en sociale economie.

Veelgestelde vragen

Wat is een OCMW?

Een OCMW, openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, is de publieke operator van laatste toevlucht inzake maatschappelijke bijstand. Zijn opdracht, vastgelegd door de federale organieke wet van 8 juli 1976, is om aan eenieder het recht te waarborgen om een leven te leiden dat overeenstemt met de menselijke waardigheid. In Brussel bestaat er één OCMW per gemeente, dus negentien juridisch onderscheiden instellingen, alle onder de organieke voogdij van de GGC (Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie).

Wat is het leefloon?

Het leefloon is een minimuminkomen dat door het OCMW wordt uitgekeerd aan personen zonder voldoende bestaansmiddelen, omkaderd door de federale wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie. Het valt onder de federale bevoegdheid: de POD Maatschappelijke Integratie bepaalt het kader en betaalt aan het OCMW een deel van het uitgekeerde bedrag terug. Het is het OCMW van de gemeente van verblijf dat de aanvraag behandelt, de voorwaarden nagaat en de persoon begeleidt.

Wie financiert de Brusselse OCMW's?

De financiering van een Brussels OCMW is verdeeld over verschillende beleidsniveaus. Het federale niveau betaalt, via de POD Maatschappelijke Integratie, een deel van de individuele bijstand terug, met name het leefloon, en stort gerichte subsidies. Het Gewest en de gemeente vullen aan: het uiteindelijke tekort wordt gedicht door de gemeente waarvan het OCMW afhangt. De GGC oefent de organieke voogdij uit. Deze gelaagde architectuur, zonder ingebouwde coördinatie, verklaart de financiële wrijvingen in de sector.

Hoe vraag je de hulp van het OCMW in Brussel aan?

De aanvraag richt zich tot het OCMW van de gemeente van verblijf: in Brussel beschikt elk van de negentien gemeenten over het zijne. Het OCMW onderzoekt de situatie, gaat de toekenningsvoorwaarden na en stelt de passende hulp voor, die de vorm kan aannemen van het leefloon, een gelijkwaardige maatschappelijke hulp, een medische hulp of een begeleiding naar werk. Voor de dringende zorg van personen in illegaal verblijf activeert het OCMW de dringende medische hulp.

Bronnen

Volg dit domein per e-mail

Max. 1 e-mail/week. Uitschrijven met 1 klik.